Pi de Bruijn

Pi de Bruijn vertrok na zijn studie in 1968 naar het Architects Department Southwark in Londen. Terug in Amsterdam, begon hij bij de gemeentelijke Dienst Volkshuisvesting, tot hij zich in 1978 vestigde als zelfstandig architect, partner bij het bureau Oyevaar Van Gool De Bruijn Architecten BNA. In 1988 richtte hij samen met Frits van Dongen, Carel Weeber en Jan Dirk Peereboom Voller de Architekten Cie. op; vanaf 1998 bestond deze uit De Bruijn, Van Dongen, Medić en Puljiz; sinds 2012 De Bruijn, Medić en Puljiz en in 2013 werd Rob Hootsmans de vierde partner. Van 1993 tot 1998 was hij professor aan de TU Delft. Pi de Bruijn heeft ruime ervaring als architect en stedenbouwkundige in complexe, langdurige en gevoelige projecten.

Ervaring
Pi de Bruijns eerste gebouw, buurtcentrum Transvaal, werd onderscheiden met de Merckelbach-prijs. De Bruijn kreeg internationale bekendheid als architect van de nieuwbouw Tweede Kamer. Zijn ontwerp voor de Reichstag in Berlijn kreeg in de eerste ronde een eerste prijs, waarna hij een deel van het Jakob-Kaiser-Haus realiseerde. Voor de Beurspleintraverse in Rotterdam ontving hij de Nederlandse Bouwprijs. Verder realiseerde hij onder meer het hoofdkantoor Essent in Den Bosch, kantoor Zwitserleven in Amstelveen en de uitbreiding en restauratie van het Concertgebouw in Amsterdam. In de functie van supervisor en stadsontwerper was hij betrokken bij de ontwikkeling van het Amsterdam ArenA gebied en bij de Amsterdamse Zuidas. Als stedenbouwkundige ontwierp hij de wederopbouw van het vuurwerkrampgebied in Enschede.